Vacature kerkelijk werker

De Evangelische Kerk De Pottenbakker is een diverse gemeenschap met leden en bezoekers van alle leeftijden en met verschillende culturele achtergronden. Onze gemeenschap is lid van de Vrije Evangelische Gemeenten (VEG). Ons doel is om mensen te bereiken met de liefde van God in Christus door christenen aan te moedigen en toe te rusten om hun geloof te delen in hun dagelijks leven.

Wij zoeken vanaf 1 september 2018 een gemotiveerde deeltijdse kerkelijk werker (21 uur) die zich kan inzetten op verschillende manieren voor de kerk. Deze persoon zou deel worden van het huidige leiderschapsteam van oudsten en diakenen. Er is ruimte om de bediening aan te passen volgens de gaven en de roeping van de persoon. Dit is een bediening met een loon.

Interesse ? Stuur uw sollicitatiebrief met CV op naar David Delameillieure: ddelameillieure@gmail.com

De kerk heeft dringend Timotheüs-en nodig!

Timotheüs werd door de apostel Paulus beschouwd als zijn echte zoon. Uiteraard bedoelde Paulus niet dat Timotheüs zijn natuurlijke zoon was, maar zijn geestelijke zoon. De natuurlijke vader van Timotheüs was een Griek terwijl zijn moeder Joods was. Hij werd dus beschouwd als illegitiem vanuit de Joodse gemeenschap, en waarschijnlijk voelde hij zich ook niet volledig thuis in een Griekse cultuur.

Met andere woorden Timotheüs was een man tussen twee culturen die tegelijkertijd overal en nergens erbij hoorde. Dit was dan ook de reden waarom Paulus hem kon gebruiken in zijn missie. Hoofdzakelijk door de bediening van Paulus was het christelijk geloof, dat begon als een kleine Joodse sekte, zich aan het verspreiden onder de heidenen, de niet-Joden met een Grieks wereldbeeld en cultuur. Paulus en Timotheüs waren brugfiguren die deze boodschap van een Joodse Messias van Israël konden brengen naar een volk dat de geschiedenis en verhalen van Israël totaal niet kenden. 
Onze maatschappij vandaag is meer diverse dan ooit met verschillende culturen en wereldbeelden vertegenwoordigd in elke stad. De uitdaging van de kerk is om ons verhaal die onder ons goed gekend is te communiceren aan mensen die onze christelijke taal en wereldbeeld totaal niet begrijpen. Hiervoor heeft de kerk dringend brugfiguren nodig zoals Timotheüs. Mensen die vertrouwd zijn met meer dan één cultuur en wereldbeeld. Eigenlijk moeten deze mensen drie culturen kennen: de Vlaamse cultuur, een andere etnische cultuur, en de cultuur van het koninkrijk van God. 

Ben jij zo iemand? 

Sterven als christen

Sterven als christen

Onlangs ben ik op bezoek geweest bij iemand die op sterven lag. De woorden uit 1 Timotheus 6:7 ‘want wij hebben niets de wereld ingedragen, het is duidelijk dat wij ook niets daaruit kunnen wegdragen‘ kwamen onmiddellijk in mijn gedachten. Het is een waarheid als een koe. We vergeten het maar met onze dood eindigt bijna alles dat van ons is – materiële bezittingen, maar ook relaties (het huwelijk bijvoorbeeld). De dood is verschrikkelijk en wij hebben het met opzet uit het zicht van ons dagelijks leven verwijderd, verbannen naar ziekenhuizen en rusthuizen, zodat gezonde mensen er niet mee geconfronteerd worden.
Hoe moeten wij omgaan met ons eigen sterfelijkheid zonder dat we ons kop in het zand houden?
‘Als u nu met Christus opgewekt bent, zoek dan de dingen die boven zijn, waar Christus is, Die aan de rechterhand van God zit. Bedenk de dingen die boven zijn en niet die op de aarde zijn, want u bent gestorven en uw leven is met Christus verborgen in God.’ Kolossenzen 3:1-3
Het antwoord die wij vinden in de Bijbel is dat wij ergens moeten nu al onszelf beschouwen als gestorven. We moeten nu al afscheid nemen van aardse dingen die geen eeuwige waarde hebben. Bijvoorbeeld ons huis, onze carrière, onze bezittingen. Onze relaties met anderen moeten beleefd worden vanuit een eeuwig perspectief. Dit wil zeggen dat zelfs onze relatie met onze partner of onze kinderen mag niet het doel worden in ons leven want deze ook zullen in hun huidige vorm ten einde komen met ons dood. Het enige dat overblijft is onze persoonlijke relatie met God. 
 
Toen ik hierover aan het nadenken en bidden was, kreeg ik een beeld in mijn gedachten. Er waren twee voorwerpen allebei waren ze gemaakt uit twee soorten elementen: verteerbaar en onverteerbaar. De eerste voorwerp was hoofdzakelijk gemaakt uit het verteerbaar element dus toen het blootgesteld werd aan een zuur was er weinig die overbleef. De tweede voorwerp was hoofdzakelijk gemaakt uit het onverteerbaar element dus toen het blootgesteld werd aan een zuur was er veel die overbleef.
De twee voorwerpen zijn twee soorten christen. De eerste christen is te veel bezig met aardse dingen. Hun identiteit ligt in allerlei dingen die geen eeuwige waarde hebben. Toen het moment van sterven aankwam werd er veel verteerd en bleef er weinig over. De tweede christen is bezig met dingen die boven zijn. Hun identiteit ligt in hun relatie met God die sterk en gezond is. Wanneer het moment aankwam om te sterven werden de aardse dingen verteerd maar de verandering was kleiner omdat er nog veel overbleef.
De tweede christen is beter voorbereid op de dood dan de eerste christen. Je kan zelfs zeggen dat de overgang van dit leven naar de volgende minder ingrijpend is voor de tweede christen dan de eerste christen omdat er veel meer overblijft van hun identiteit en persoonlijkheid.
Dus wanneer we nadenken over onze sterfelijkheid moeten we ons de vraag stellen: hoeveel van mijn identiteit wordt bepaald door aardse dingen die zullen verteerd zijn, en hoeveel wordt bepaald door mijn relatie met God die de dood zal overleven?

Boodschap aan de moslims van Kortrijk

Een aantal kerkleiders van Kortrijk hebben het volgende bericht gestuurd naar de moskee van Kortrijk naar aanleiding van de solidariteitsactie met de slachtoffers van de aanslagen in Brussel:

Wij willen een duidelijk signaal geven: wij geven onze moslim-buren niet de schuld van de aanslagen. In tijden van angst hebben mensen de neiging om muren te bouwen rondom zichzelf of hun vertrouwde omgeving. Dat willen wij vermijden. Wij zien het als onze christelijke plicht de naaste lief te hebben en daar willen we actief mee bezig zijn. Met onze aanwezigheid laten we zien dat moslims onze naasten zijn.

Halloween: gewoon een onschuldig feestje?

Halloween: gewoon een onschuldig feestje?

Halloween is in de mode. Overal zijn er verwijzingen naar Halloween: in de winkels, op televisie, op school, zelfs op de Google homepagina. Als christen voel ik me niet op mijn gemak hiermee. Ten eerste al die griezelige dingen (heksen, vampiers, skeletten enz) trekken mij niet aan. Persoonlijk zie ik de lol er niet in. Wat me meer ontrust is hoe de mensen Halloween zo maar aanvaarden als een must in onze jaarkalender naast belangrijke feesten zoals Sinterklaas en Kerstmis. Vraag aan mensen boven de vijftig en zij herinneren zich Halloween niet vanuit hun kindertijd. Halloween is een Amerikaanse import om winst te maken. Dit zeggende, Kerstmis is van tegenwoordig ook grotendeels gecommercialiseerd. En toch lijkt het dat niemand erbij stil staat en nadenkt of wij wel Halloween willen invoeren in onze maatschappij? Denkt men nog kritisch over wat we invoeren in onze maatschappij? Willen we wel onze kinderen verkleden in wat vroeger werd beschouwd als boze wezens? Zoals Ignace Demaerel zich afvraagt: wat voor meerwaarde heeft Halloween?

Als christenen geloven wij in boze geesten. De evangeliën zijn vol van verhalen van Jezus die mensen bevrijdt van het kwade invloed van boze geesten. Wij geloven dat demonen bestaan, en heksen ook. Voor ons zijn deze wezens alles behalve goed. Zij willen mensen vermoorden. Hoe zouden wij dan kunnen onze kinderen laten verkleden als deze boze wezens?